De droom van Smart Villages is werkelijkheid


In Senegal draait een eerste zonne-installatie van Smart Villages, een pilootproject van Ondernemers voor Ondernemers dat elektriciteit en water voorziet in 22 dorpen. “Smart Villages is een concept dat we binnenkort willen uitrollen op tien andere plaatsen."

In het Senegalese dorp Syer staan 75 grote panelen te blinken in de zon, goed voor 30KW aan energie. De installatie voorziet water en elektriciteit voor 22 kleine dorpen in de regio. “Toegang tot water en elektriciteit zijn basisvoorwaarden voor economische ontwikkeling”, weet Philippe Convents, samen met zijn collega vrijwilligers Peter Thevissen en Guy Morre de bezielers van het project.

Nu de installatie draait, begint het verhaal pas. “Dit is nog maar de eerste fase vertelt Philippe. “In de tweede fase kan de bevolking voorstellen indienen voor projecten die ook gebruik maken van elektriciteit door het plaatsen van een mini grid of door de overcapaciteit aanwezig op het terrein. Veel zullen met landbouw te maken hebben. Denk aan een molen of installaties voor koeling of irrigatie. Ook stroom voor een nabijgelegen ziekenhuis behoort tot mogelijkheden. We zullen een aantal van die projecten financieren, na een screening op hun haalbaarheid en terugbetalingscapaciteit zoals gebruikelijk is bij OVO. In een derde en laatste fase kunnen nog kleinschaligere projecten bij ons aankloppen waaronder elektriciteitsvoorziening voor de families. Hier wordt nagedacht over een nauwe samenwerking met Vitalité.
 

Van bierviltje naar realisatie

Smart Villages heeft een hele weg afgelegd van figuurlijk bierviltje naar realisatie. Convents: “Peter en Guy wilden iets doen aan de toegang tot elektriciteit in Afrika op plaatsen die zeker nog 5 tot 10 jaar niet op het netwerk zullen aangesloten zijn. Het idee was er economische activiteiten aan te verbinden, zodat de investering kan worden terugverdiend. Dat was de basis van het concept voor Smart Villages.”

In samenwerking met een aantal lokale mensen ging het OVO-drietal op zoek naar geschikte locaties. Dat leidde tot een shortlist van tien dorpen. Om zich van de situatie ter plaatse te vergewissen, ging Philippe Convents zelf een aantal dorpen bezoeken. “Een ontgoochelende ervaring”, geeft hij toe. “In die dorpen vonden we enkel heel kleinschalige activiteiten zoals een naaiatelier. Die volstonden nooit om een investering van 56.500 euro terug te verdienen.”

Smart Villages beoogt eigenlijk een dubbel doel: de lokale economische activiteit stimuleren en het invullen van sociale basisvoorzieningen. “Natuurlijk heeft een investering een sociale dimensie, zoals elektriciteit naar de dorpen brengen, zodat kinderen bijvoorbeeld licht hebben om hun huiswerk te maken in plaats van ongezonde olielampen. Maar een investering moet ook economisch steek houden. Dat is ook altijd het uitgangspunt bij OVO”, stelt Philippe .

Uiteindelijk vonden de drie ondernemers Syer. “Daar stond een oude dieselmotor om water op te pompen. Die kostte de omliggende dorpen al snel 900 tot 1.100 euro per maand. We beseften dat daar de sleutel lag. Als we een nieuwe pomp op zonne-energie konden installeren, kon de lening zonder problemen worden terugbetaald.”
 

Verdienmodel

Een haalbaarheidsstudie in samenwerking met de UGent en een openbare aanbesteding later is de installatie in Syer een feit. Daarmee was een investering van 27.000 euro gemoeid, gefinancierd door een lening gefaciliteerd door OVO. “De dorpen winnen vandaag al een 400 à 500 euro per maand in vergelijking met hun oude dieselmotor”, legt Philippe uit.

“Het verdienmodel is eigenlijk eenvoudig. De kaskoe is de voorziening van elektriciteit en water. Daarnaast komen er dus nog projecten om de overcapaciteit nuttig aan te wenden en nog een resem kleinere projecten.” De inkomsten daaruit moeten ruimschoots volstaan om de totale lening via OVO van 56.500 euro op vijf jaar terug te betalen.

Het zal misschien verbazen dat zo’n relatief eenvoudig model toch nog geen brede ingang heeft gevonden in Senegal of veel andere plaatsen in Afrika. Dat verbaasde Philippe ook, geeft hij toe. “Er is de hogere renten op leningen in Afrika of is er een gebrek aan interesse bij investeerders in rurale gebieden en kleine dorpen in Afrika?”

Klassiek is ook de vrees dat dure installaties niet onderhouden worden en dus geen lang leven beschoren zijn. Het team maakt zich echter sterk dat de zonne-installatie goed beveiligd is en een minimaal onderhoud vraagt, dat volledig geregeld is. Bovendien heeft de hele gemeenschap er belang bij, want zonder hebben ze geen stroom en water.

“Ook voor de investeerders zijn de garanties vrij hoog, want het project vervangt gewoon de bestaande kosten voor de dieselmotor door lagere kosten voor de zonne-installatie”, is Philippe overtuigd. En de ambities zijn hoog. “Dit is nog maar een pilootproject. Volgend jaar mikken we op tien installaties. En waarom een jaar later niet 100 ? De eerste gesprekken met kandidaat investeerders zijn opgestart, de interesse is er. De vraag naar energie in Afrika is dan ook enorm. Die 100 installaties zijn nu nog een verre droom, maar ik heb geleerd in mijn loopbaan dat het gezond is ambitieuze doelen te stellen.”
 

OVO

Philippe Convents was onder meer CEO van Canon. Zijn kompanen, Guy Morre, dé marketinggoeroe en Peter Thevissen, een technisch wonder maken het team ontzettend complementair klinkt het. Bij OVO is het uitzonderlijk dat een project ontstaat bij de vrijwilligers. Doorgaans zijn het Afrikaanse ondernemers die ideeën aandragen. “Wij werken wel met lokale mensen. Het is een project van de lokale bevolking, dat door hen wordt gedragen én gefinancierd”, aldus het team.

De Gentenaar is nu twee jaar vrijwilliger bij Ondernemers voor Ondernemers. “De economische logica die OVO aan de dag legt bij zijn investeringsprojecten vind ik heel aantrekkelijk. Ik amuseer me ook goed met al mijn collega’s, die enorm veel expertise hebben. Persoonlijk geloof ik dat onze business gerichte aanpak een innovatieve aanvulling is op de klassieke ontwikkelingssamenwerking.”

Tekst: Jasper Vekeman